Locatie

Amersfoort

Hoofdcategorie

Gebieden en structuren

Subcategorie

Cultuurhistorisch gebiedsonderzoek

Uitvoeringsjaar

2015

Opdrachtgever

Gemeente Amersfoort, Stedelijke ontwikkeling en beheer

Projectteam

Marcel van Winsen, Hugo van Velzen, Rowin van der Leede

In samenwerking met

Max Cramer (gemeente Amersfoort, Bureau Monumentenzorg), Dick Schalks en Rainier Kok (gemeente Amersfoort, afdeling planologie)

Vogelvlucht van de historische binnenstad

In 2009 evalueerde ons bureau in opdracht van de Gemeente Amersfoort het ruimtelijke beleid en het beschermingsinstrumentarium voor de Amersfoortse binnenstad (zie project 090105). Een onderzoek dat plaatsvond in nauwe samenwerking met het bureau Monumentenzorg en de afdeling planologie van de gemeente. Eén van de meest elementaire conclusies die getrokken werden: door het ontbreken van een cultuurhistorisch onderzoek van de binnenstad was er beleidsmatig een gat ontstaan. De evaluatie werd zeer positief ontvangen door de gemeenteraad en de opdracht tot het maken van een cultuurhistorisch onderzoek was dan ook snel uitgeschreven. Vanwege de goede ervaring met de samenwerking met de gemeentelijke diensten werd ook deze opgave interdisciplinair aangepakt. Omdat de bestemmingsplanmakers en plantoetsers van de gemeente onderdeel waren van het onderzoeksteam, kreeg deze cultuurhistorische analyse al direct een ander karakter dan gebruikelijk. Meestal wordt na een externe verkenning en waardering van gebied of stad door ons bureau, het stokje voor de implementatie overgedragen aan de gemeente. Nu was het mogelijk om voor te sorteren op de toekomstige vertaling van de gezamenlijke onderzoeksresultaten naar de implementatie van planregels in een nieuw bestemmingsplan, als ook op de veel voorkomende vragen waar plantoetsers mee te maken krijgen, zoals aanvragen voor dakterrassen of uitbouwen achter winkels. Bijzonder aan dit onderzoek was de focus op de elementaire ruimtelijke principes van de pre-industriële stad (ca. 1000 – 1870) en de modern-historische stad (ca. 1870 – 1940), in plaats van op de opeenvolging van ruimtelijke ontwikkelingen. Onder die elementaire ruimtelijke principes verstaan wij o.a. de stedenbouwkundige typologieën van bouwblokken, de ontsluitings- en gebouwtypologieën van woonhuizen en de ruimtelijk opbouw van het historisch daklandschap, maar bijvoorbeeld ook de basisprincipes van winkelpuien van vóór 1945. Deze kernprincipes van historische stedenbouw, architectuur en openbare ruimte vormden op alle schaalniveaus de grondslag voor onze aanbevelingen. Het bleek hierbij goed mogelijk voorgeschreven stilistische sjablonen te vermijden, en in plaats daarvan uit te gaan van organisatie- en vormgevingsprincipes die gedurende vele eeuwen de totstandkoming van het historisch weefsel hebben bepaald en goed te vertalen zijn naar hedendaagse vormgeving. Bij dit alles is de binnenstad in historisch opzicht opgevat als één geheel, maar in ruimtelijke zin juist niet. Dit resulteerde in beleidskaarten waarop de binnenstad in deelgebieden werd onderverdeeld, met ieder hun eigen regime. Dat regime varieert van maximaal behoud of reparatie van aangetaste gebieden, tot solitaire ontwikkelingen in geheel getransformeerde stadsdelen. De aanbevelingen in de cultuurhistorische verkenning dienen als handleiding voor de gemeentelijke stedenbouwkundigen, bestemmingsplanmakers en erfgoeddeskundigen, maar ook voor architecten en bouwaanvragers.  Er is hiermee een stevig fundament gelegd onder de integratie van cultuurhistorie en ruimtelijk ontwerp in de binnenstad, een belangrijke pijler van de Modernisering van Monumentenzorg (MoMo), die eind 2009 beleidsmatig werd vastgesteld.

De Koppelpoort

Muurhuizen: bebouwing op de fundamenten van de voormalige stadsmuur

Muurhuizen: bebouwing op de fundamenten van de voormalige stadsmuur